Wat doen we met moeder?
Financiële dienstverleners hebben net als artsen, advocaten en andere specialistische beroepsgroepen een zorgplicht. Het begrip zorgplicht is in de wet vastgelegd, maar niet precies omschreven. Dat lijkt misschien onwerkbaar, maar het tegendeel is waar.
De kern van de zorgplicht is, dat de professional aannemelijk kan maken, dat hij zijn werk voor zijn klant of patiënt zo goed mogelijk heeft gedaan. Klanten en patiënten kunnen immers niet precies beoordelen of hun arts, advocaat of financiële dienstverlener de juiste adviezen geeft. Ze moeten daar maar op vertrouwen.
Er zit altijd een ongelijkheid in de relatie tussen een financiële dienstverlener en zijn klant. De klant is weliswaar de baas over zijn eigen geld en hij bepaalt zelf wat er met zijn geld gebeurt, maar hij blijft een leek. De kennis van financiële producten en diensten zit aan de kant van de financiële dienstverlener.
Onder invloed van incidenten is door de wetgever en de rechter het begrip zorgplicht steeds verder opgerekt. Wie precies wil weten wat nog net wel kan en wat net niet meer, kan er een permanente studie aan wijden. Maar waarom zou je?
Wie respectvol met mensen omgaat, kan aan de juridische omschrijving van het begrip voorbij gaan. Je hoeft alleen maar te denken: wat zou ik in dit geval mijn moeder adviseren? Voor wie een hekel heeft aan zijn moeder, mensen in het algemeen of zichzelf is er de wet.