Topbankiers gezocht
Topbankiers zijn zeldzaam en topbankiers zijn schreeuwend duur. We horen dat aan de lopende band beweren. Je zou het bijna gaan geloven. In werkelijkheid zijn het twee onjuiste beweringen in een zin. De bron daarvan: bankiers zelf.
De inkomens van topbankiers staan onder druk. Er wordt van hogerhand een grens gesteld aan de haast ongelimiteerde bonussen, die een perverse prikkel zijn om vooral te koersen op winst op de korte termijn. Onmiddellijk duiken er verontrustende berichten op. De beste bankiers zouden overal massaal vertrekken. Onzin! Demagogie!
Er is kennelijk iets mis met de actuele definitie van "topbankier", zoals er ook iets is misgegaan met de doelstelling van banken. Als winst maken het primaire doel banken is dan heet degene die het meeste geld inbrengt al snel "topbankier". Als de maatschappelijke betekenis van de bank primair staat dan betekent "topbankier" heel wat anders.
In elk vak heb je helpers, een middenkader en toppers. Het ligt in de rede dat toppers een mooi inkomen hebben. Maar je kunt het niet omdraaien en zeggen dat wie veel verdient voor de bank dan ook een topbankier is. Daar is heel wat meer voor nodig dan handelen of speculeren met andermans geld.
Er klinkt vandaag een luide roep om "het nieuwe bankieren". We moeten hopen, dat er voldoende toppers opstaan om vorm te geven aan dat nieuwe bankieren. Degenen die voor hun bereidheid de hoofdprijs verlangen kwalificeren zich niet wat mij betreft.
Echte topbankiers, wel schaars maar zeker niet uitgestorven, worden primair geprikkeld door de maatschappelijke bijdrage die ze leveren. Winst is niet het doel van hun bank, maar een onontkoombare randvoorwaarde. Wat geldt voor hun bank mag daarna ook voor henzelf gelden. Topbankiers mogen goed betaald worden, maar niet extreem goed.
Praat mee en maak kans op een gratis exemplaar van mijn boek "Gepast en ongepast geld; zoektocht naar het geweten van bankiers", Scriptum, 2008.